Jelle – eet een croissant

Uitgerekend de enige dag in de zomer dat de zon scheen stond ik in een lange file, op weg naar Rotterdam. Ik ben een grote fan van Rotterdam, en begrijp niet wat veel Amsterdammers tegen die stad hebben. Rotterdam heeft een haven, en een smoel. Eindelijk eens geen kleine kneuterig huisjes, zoals de rest van Nederland. Rotterdam is geen stad, maar infrastructuur, merkte Zomergast Erik van Lieshout al op in de uitzending. Van Lieshout is kunstenaar, woont en werkt in Rotterdam, en ik besloot hem daar op te zoeken. Wij troffen elkaar buiten, en zonder introductie drukte hij een croissant in mijn hand, alsof dat volkomen vanzelfsprekend was. Hij vertelde dat hij niet wilde praten, maar mij Rotterdam wilde laten zien.

Erik van Lieshout is net als Rusland: onvoorspelbaar, onaangepast, en met een geheel eigen universum met andere natuurwetten. Door dit soort mensen en landen moet je je laten meeslepen, ook al begrijp je niet alles. Ik knabbelde dus maar wat aan de croissant en wij reden (met de auto natuurlijk, niemand fietst in Rotterdam) naar het Hendrik Idoplein, waar van Lieshout bezig was met een kunstproject. Hij wees naar een huis waarvan hij de inboedel had opgekocht van een overleden bewoner. We liepen binnen bij Sjaak, ook een kunstenaar, die ons zijn nieuwe werk liet zien. We kamen langs tante Annie, die buiten op de stoep zat te genieten van de enige mooie dag van deze zomer. Zij stond erop dat wij bij haar op de thee kwamen.

Later, in de uitzending, hamerde Van Lieshout op het engagement van kunstenaars, en de band tussen kunstenaars en de samenleving. De volgende dag las ik op de voorpagina van het Parool dat de directeur van het Rijksmuseum de passage van het museum toch gesloten wil houden voor fietsers. Ik zou kunnen schrijven hoe belangrijk die route is voor alle fietsers die van zuid naar centrum gaan. Ik zou kunnen schrijven dat je talloze goede musea hebt, maar dat je maar een museum hebt met een passage voor fietsers. Dat dat het Rijks zo uniek maakt, en niet alleen haar schilderijen. Maar kennelijk is die directeur daar niet gevoelig voor (zou hij zelf wel eens fietsen door Amsterdam?), want dat is al veelvuldig genoemd in de talloze ingezonden brieven.

Dus gooi ik het over een andere boeg: de passage onder het Rijksmuseum legt een brug tussen Amsterdammers en cultuur. Dit is wat een fietser denkt die door de passage gaat: ‘Wat fijn dat ik hier weer kan fietsen! De galm, de geur, het gebouw! Moet er toch maar weer eens heen, gebruik die museumjaarkaart veel te weinig. Wat een geweldig museum!’ En dat zijn duizenden fietsers per dag. Meneer Pijbes, doe het niet voor ons. Doe het voor de kunst.

Eerdere columns verschenen in de bundel Van Moskou tot Medan

 

3 reacties op Jelle – eet een croissant

  1. Reactie van wim pijbes

    graag maak ik een afspraak om ter plaatse te laten zien hoe de Passage en toekomstige entreehaal van het Rijksmuseum er uit gaan zien (met straatmuzikanten).

    Hartelijks,

    Wim Pijbes

  2. Reactie van Cleo Campert

    Beste Wim,
    Mag ik ook mee? Ik ben een buurvrouw en zeer benieuwd wat je antwoord is voor de duizenden fietsers, die nu al jaren de best krankzinnig gevaarlijke route om het museum heen moeten volgen.
    Hartelijke groet Cleo Campert

  3. Reactie van Ferdy

    Ben benieuwd hoe zo’n entreehaal eruit komt te zien.

Reageren